De ondankbare taak van de assistent

Onmisbaar, hoor je iedereen zeggen wanneer je ernaar refereert. Dankbaar, laat men blijken als je ernaar vraagt. Toch blijft die taak van assistent het meest ondankbare stukje van de zaterdag…

Of het nu de assistent van de trainer is of de assistent van de scheidsrechter. Dat maakt geen verschil. De voetbalwereld kan het in de afgelopen jaren leuk leider of elftalbegeleider zijn gaan noemen of de KNVB kan de wisseling van grensrechter naar assistent-scheidsrechter veranderd hebben, maar qua taken is er niets veranderd. Qua denken van mensen ook niet.

Dat bleek op een godvergeten achterveld (zo voelde het immers) op de velden van DSO in het verlengde van Zoetermeer, bijna Benthuizen. Het begon al vroeg in de ochtend als de assistent vroeg op staat en op de club alle kledingstukken bij elkaar zoekt. De shirts, broekjes en sokken vermengd met elkaar in de tas (zo hebben we dat écht niet ingeleverd), de inloopshirts binnenste buiten verkreukelt in een emmer. De warming-up jacks moeten gezocht worden in drogers en wasmachines. De trainer zorgt voor de ballen, nog even oppompen, gelukkig, een taak minder…

Bij vertrek nog even de waterzak en bidons gescoord en we vertrekken. Alles is nagenoeg meegenomen, maar de auto’s staan al klaar voor vertrek. De trainer gaat op zoek naar extra ruimte, want dit kan nooit allemaal nog in die kleine Peugeot 107 van de assistent. Even wachten was geen optie? O jawel, want niemand weet natuurlijk waar het nieuwe complex van DSO is en dus moet de assistent voorop gaan rijden. Eenmaal aangekomen op het complex van DSO krijgt de assistent van de spelersgroep niet de tijd om alles even klaar te zetten en dus is de vaste organisatie weg. Dan maar het wedstrijdformulier invullen en in overleg met de scheidsrechter hoe deze week de pasjes gecontroleerd zullen worden. DSO vraagt 10 euro borg voor de kleedkamersleutel. Hopelijk zal niemand dat ding kwijt raken…

De wedstrijd begint en in de eerste helft valt het allemaal nog wel mee. We nemen de leiding en er valt weinig gevaar voor de thuisploeg te melden. De trainer is desondanks niet tevreden en laat dat merken in de rust. De assistent heeft gezorgd voor iets te drinken en gaat rond. Geen thee ditmaal, maar een zoete siroop krijgt hij te horen. De tweede helft, een heel ander beeld. De assistent van de scheidsrechter, niet meer dan een grensrechter, heeft ditmaal de kantine én de tribune in zijn rug. Hierdoor lijkt het net alsof er gespeeld wordt op een godverlaten achterveld in Benthuizen met in de verte nog een paar lege velden. Sfeerloos, kil, dat was ook de wedstrijd. Geen beleving, geen passie, geen strijd. Vanaf de bank en tribune vangt de assistent de klappen op voor een futloos elftal. De koploper in de tweede klasse creëert niets tegen een veredeld veteranen elftal. Hij wordt uitgelachen, en krijgt de nodige opmerkingen, de gifbeker moet helemaal leeg en dat soort praat. En dan, één keer kan de assistent écht voor buitenspel vlaggen en dan negeert de scheidsrechter hem. Dan komen ze weer, die opmerkingen. Negeren, vaak helpt het, maar niet bij deze boeren…toch negeren dan maar… Een lesje zelfbeheersing!

Er wordt gescoord uit de counter na het buitenspel voorval. Dat voelt dan weer lekker, maar de bank van DSO weet ook hier zijn eigen draai aan te geven om de assistent het leven zuur te maken. Lang van een nieuwe voorsprong wordt niet genoten. De veteranen maken gelijk. De fut is eruit. De strafschoppen verloren. De wedstrijd gespeeld. Maar de opmerkingen gaan door. Felicitaties, nee de assistent kan het even niet. Zwijgzaam opent hij de kleedkamer en trekt zich terug erbuiten. Ruimt de spullen op en is klaar voor vertrek. Als laatste de deur gesloten. Iedereen is alweer weg. Het is stil in de auto. Dan is 14 kilometer lang, heel lang. Terug op de club, samen met de trainer, nog even checken of alles is teruggebracht. De deur gaat op slot. In de kantine een AA’tje en een broodje bal. Het is weer aan je gezicht af te lezen, zegt de voorzitter. Een zoen en knuffel, van de barvrouw. Het helpt vandaag niet. Vroeg weg, de teleurstelling verwerken.

Als assistent doe je het nooit goed, dat weet je als je eraan begint. De jacks nog nat. Een verkeerde maat broekje of inloopshirt. De ballen zacht of te hard. Commentaar als grensrechter krijg je ook altijd. Vlag je voor je eigen team, moet je eerlijk vlaggen. Vlag je niet zo vaak, mag je best wat gemener worden. Je doet het nooit goed en je neemt het voor lief (écht), want de zaterdag besteed je maar al te graag aan dat voetbalspelletje én voor dat team waar je je hart aan hebt verloren. Het is immers de mooiste dag van de week…vandaag even niet.

Die kritiek, het is allemaal best. Het ‘spelletje’ van de tegenstander, wordt ook wel weer overleefd. De scheidsrechter die je negeert, je raakt eraan gewend. De assistent past zich aan. Wringt zich in bochten om alle omstandigheden zo te krijgen dat verliezen geen optie is. Verliezen, het hoort erbij. Maar het enige wat de assistent vraagt op een zaterdag, zet een leuke pot voetbal neer. Speel en strijd als team! Of dat nu op het godverlaten achterveld van DSO is, op ons eigen kunstgrasveld of op het hoofdklasser grasveld van Deltasport. En dan hoort verliezen erbij…als je er voor gestreden hebt, als je kruipend dat veld afgaat en het net even niet lukte. Als je met passie op dat veld staat voor dat spelletje, voetbal!! Maak die zaterdag weer de mooiste dag van de week, voor de assistent…